De letterlijke kapitale verandering van het voetbal

Uit het archief: januari 2012

Het zal niemand verbazen dat het voetbal aan verandering onderhevig is. Sommige van die veranderingen hebben echter nog jaren na dato hun uitwerking op de voetbalwereld. Een voorbeeld daarvan is het Bosman-arrest, dat ook in de huidige transferperiode van belang is. Maar hoe zat het ook alweer, met dat Bosman-arrest? Een stukje voetbalgeschiedenis als uitleg:

Historicus Gerrit Valk geeft in zijn boek ‘In de schaduw van de bal’ een mooi overzicht van alle veranderingen in de voetbalwereld, door – zoals het een goede geschiedschrijver betaamt – een ‘canon’ op te stellen van de geschiedenis van het betaalde voetbal. Deze canon voegde hij als achtste en tevens laatste hoofdstuk toe aan zijn boek. Gerrit Valk legt in zijn boek uit dat het woord ‘canon’ een eeuwenoude term is, waarmee het christendom via een concilie of synode de geloofsleer placht vast te leggen. Kortom, het is een verzameling van geloofsartikelen die in principe onaantastbaar zijn. Met zijn ‘canon van het voetbal’ geeft Valk dus een lijst met gebeurtenissen die van kapitaal belang zijn voor het voetbal, en die voor altijd in dezelfde context beschouwd moeten worden. Ter illustratie: in een enquête naar de grootste Nederlander aller tijden scoorde Pim Fortuyn bijna even hoog als Willem van Oranje en zelfs hoger dan Erasmus. Hieruit blijkt dat de ondervraagde mensen dringend behoefte hebben aan een geschiedeniscanon, om de historische gebeurtenissen weer enigszins in de juiste context te plaatsen. Vanuit deze definitie heeft Valk dus ook zijn canon van het voetbal opgesteld. Het voormalig lid van de Tweede Kamer tussen 1989 en 2002 beschrijft de invloeden van de watersnoodramp in 1953 tot en met de massale invasie van Oranjesupporters zonder toegangskaartje, die op hun eigen manier het EK 2008 in de Zwitserse stad Bern wilden bijwonen.

Bron: Gerrit Valk, In de schaduw van de bal. Bol.com

Bron: Gerrit Valk, In de schaduw van de bal. Bol.com

Gerrit Valk besteedt extra aandacht aan het moment dat de totale gekheid op de spelerstransfermarkt toesloeg en de clubs opeens niets meer over de spelers te zeggen hadden. Dat moment was namelijk op 15 december 1995, toen het Europese Hof van Justitie de basis legde voor het zogenaamde ‘Bosman-arrest’. Deze gebeurtenis nam Gerrit Valk uiteraard wél op in zijn canon van het voetbal. Het Bosman-arrest heeft immers verstrekkende gevolgen voor de voetbalwereld.

Het Bosman-arrest is afgeleid van de Belgische voetballer Jean-Marc Bosman. Deze eiste in 1990 zijn vrijheid op nadat zijn contract bij Club Luik (niet te verwarren met Standard Luik) was afgelopen. Bosman wilde graag gaan spelen voor Franse USL Dunkerque, ofwel ‘Duinkerke’. Club Luik verhinderde in de ogen van Bosman echter zijn transfer, door een veel te hoge transfersom te vragen. Het was in die tijd namelijk zo, dat een oude club van een speler bij het aangaan van een overeenkomst met een andere club nog steeds een transfersom kon eisen, ondanks dat het contract door de desbetreffende speler al was uitgediend. Bosman liet zich niet afschepen met de slagzin ‘regels zijn regels’ en klaagde zowel de Belgische voetbalbond als zijn Club Luik aan. Hij vond dat de transferregels en de nationaliteitsregels van het voetbal strijdig waren met het Verdrag van Rome, op het gebied van de mededinging en het vrij verkeer van werknemers. Dit ‘vrij verkeer van werknemers’ was overigens ook de reden van het tegenhouden 6+5 regel die Sepp Blatter wilde invoeren. De Europese wetgeving heeft de voetbalwereld in de loop der jaren dus veel hoofdpijn bezorgd. Trouwens niet alleen in de voetbalwereld, maar ook ver daarbuiten. De Belgische rechter wilde zich bijvoorbeeld niet branden aan ‘de zaak-Bosman’. Hij schoof het hoofdpijndossier door naar het Europese Hof van Justitie.

In afwachting van de uitspraak van de rechters voetbalde Jean-Marc Bosman voor een aantal kleinere clubs zoals Saint-Quentin en Saint-Denis op het eiland La Réunion. In het seizoen 1993-1994 keerde hij terug in België, om te voetballen voor Olympic in de Waalse industriestad Charleroi en later bij de vierdeklasser Wezet. Het was een moeilijke tijd voor Bosman. Veel voetbalorganisaties zetten hem onder druk om de rechtszaak in te trekken. Als gevolg hiervan zocht hij dus zijn heil bij enkele kleinere clubs en leefde hij met weinig geld. Maar Bosman kreeg zijn zin. Tien dagen nadat Sinterklaas Nederland en België in 1995 had verlaten, kreeg Jean-Marc Bosman pas echt een mooi sinterklaascadeau. Het Europese Hof van Justitie stelde Bosman in het gelijk, en sinds die dag kan niet langer een afkoopsom worden gevraagd voor spelers van wie het contract afgelopen is.

De voetbalwereld krijgt dan te maken met ‘transfervrije spelers’: spelers die gratis naar een andere club kunnen overstappen, waarbij de nieuwe club hun slechts een salarisaanbieding hoeft te doen. Door de uitspraak van de rechter moet de UEFA ook de beperking van het aantal buitenlandse spelers bij een club afschaffen. De ‘zaak-Bosman’ heeft op deze manier grote gevolgen voor het voetbal. Het aantal transfers en de spelerssalarissen stijgen tot ongekende hoogte. Spelers die einde contract zijn, kunnen nu veel gemakkelijker van club wisselen. Het voetbal krijgt steeds meer te maken met spelers die zich ontpoppen tot ware voetbalnomaden, die van club naar club reizen. De Italiaanse topspits Christian Vieri diende in zijn carrière bijvoorbeeld liefst veertien verschillende clubs. Ook de Egyptenaar Ahmed Mido Hossam, in Nederland bekend vanwege zijn tijd als speler van Ajax, maakt het bont wat transfers betreft. Op een bepaalde moment slaagde Mido erin om vrijwel elk halfjaar voor een andere ploeg uit te komen. Zijn loopbaan voert hem langs tien verschillende clubs in zeven verschillende landen. Het meest verontrustende hierbij is het feit dat de carrière Mido nog lang niet ten einde is. De corpulente spits is pas 28 jaar en zal zijn wereldreis langs de vele voetbalvelden nog wel even voortzetten. Om een snel vertrek van spelers te voorkomen, trachten clubs sinds het Bosman-arrest langere contracten af te sluiten met spelers. Andere clubs die geïnteresseerd zijn in zo’n speler, dienen bij een eventuele koop de restwaarde van het contract te betalen als transfersom.

Bron: Forzaitalianfootball.com

Bron: Forzaitalianfootball.com

Niet alleen het aantal transfers neemt gestaag toe, maar ook de transfersommen die voor spelers betaald worden. De bedragen die sinds 1995 over de onderhandelingstafel vliegen, zijn bij lange na niet meer evenredig aan de restwaarde van het contract. Velen zien deze ontwikkeling in de voetbalwereld met lede ogen aan. Economen kunnen maar moeilijk bevatten hoe in het voetbal met geld wordt omgesprongen. Wetenschappers zouden liever hebben dat al dat geld in hun projecten gestoken zou worden, omdat ze dan veel meer voor de wereld kunnen betekenen dan al die verwende voetbalsterren bij elkaar. En hoe moeten we aan de mensen van Unicef uitleggen dat Real Madrid 94 miljoen euro betaalt voor Cristiano Ronaldo, terwijl zij als hulpverlener in Namibië zien dat mensen geen twee dollar kunnen betalen voor een medische behandeling? Zoiets valt eigenlijk niet uit te leggen. En al zou ik het kunnen uitleggen, dan nog zou er niemand zijn die het begrijpt.

Erwin Meeks