Fernando Torres is niet ziek

Uit het archief: januari 2012.

Ondanks dat ik moderne hulpmiddelen als een laptop, Tablet en Smartphone binnen handbereik heb, maak ik tijdens een doorsnee voetbalweekend vooral gebruik van mijn ouderwetse televisietoestel. Het voelt wat vreemd om een LCD Televisie met Smartcard en ‘Personal Guide’ ouderwets te noemen, maar ik hoop dat u begrijpt wat ik bedoel.

In navolging van de radio is de televisie onmiskenbaar het apparaat dat al sinds jaar en dag dient als een medium waarlangs het voetbal haar weg naar de huiskamers vindt. Voor bewegende voetbalbeelden word ik door de zender Sport 1 en Eredivisie Live tot in de puntjes voorzien, en voor tussenstanden en uitslagen raadpleeg ik nog altijd het liefste de vertrouwde teletekstpagina’s van de NOS. Daar kan geen app of voetbalwebsite tegenop.

Omdat ik altijd lichtelijk geïrriteerd raak van het schaatsgeneuzel van mensen met ijsmutsen achter een te klein salontafeltje op Nederland 1 en de ondertitelde programma’s uit een heel-ver-weg-land op Nederland 2, is de derde publieke omroepzender meestal het kanaal waarop ik het meest ontspannen op de teletekstknop van mijn afstandsbediening druk. Toen ik recent de tussenstanden op zaterdagmiddag uit de Duitse Bundesliga en de Engelse Premier League in me op zat te nemen, werd mijn aandacht onwillekeurig getrokken door de speelfilm die op de achtergrond van de teletekstpagina draaide op Nederland 3.

De zender die zich vooral richt op kinderen en tieners, zond die middag de speelfilm ‘Achtste groepers huilen niet’ uit. Deze Nederlandstalige film is gebaseerd op het boek van Jacques Vriens, en vertelt het emotionele verhaal van een meisje dat in groep acht van de basisschool plotseling ernstig ziek wordt. Mede dankzij haar doorzettingsvermogen, optimisme en voorliefde voor haar favoriete sport voetbal, sleept zij zich door deze moeilijke periode heen. Het is wellicht een beetje een clichéverhaaltje; een meisje dat het gevecht met haar ziekte aankan dankzij de steun en hoop die ze uit haar grote passie voetbal haalt.

Toen ik echter terugschakelde naar de Engelse wedstrijden op Sport 1, besefte ik dat dit verhaal toch serieuze raakvlakken heeft met enkele voetbalsterren die in het echte leven de passie voor het voetbalspelletje kwijt lijken te zijn. Ik zag achtereenvolgens Andrei Arshavin lamlendig invallen bij Arsenal, van de prestaties van Fernando Torres werd ik mismoedig, Wayne Rooney herkende ik niet meer terug en tot slot kreeg ik als televisiekijker letterlijk en figuurlijk een trap na van Mario Balotelli. Hierbij betreft het vier voetballers die op het moment mijlenver (om maar even in de Engelse sferen te blijven) afstaan van de gedachte die achter de film ‘Achtste groepers huilen niet’ schuil gaat.

Balotelli kan weliswaar nog redelijke cijfers overleggen, maar met zijn gedrag maakt hij duidelijk dat de essentie van het voetbal hem geen reet kan schelen. Hij steekt liever vuurpijlen in zijn reet, en probeert deze dan achterwaarts hangend in zijn badkamerraam richting vrienden te schieten. Zodra de Italiaan op een voetbalveld staat, is het al gauw allemaal niet spannend genoeg voor hem. Daarom probeerde hij laatst Scott Parker eigenhandig om te toveren tot Vincent van Gogh, door herhaaldelijk met zijn noppen langs diens gezicht en oorschelp te trappen. Het misselijkmakende trapincident kwam hem gelukkig op een schorsing te staan, alleen jammer dat het Stupid Mario zelf niet echt zal kunnen deren. Tijdens de dagen dat hij niet mag voetballen stopt hij weer met net zoveel plezier kleine kinderen in zijn magnetron. Dat is ook leuk, spannend en grappig, toch?

Wayne Rooney lijkt op zijn beurt nog steeds een beetje verdoofd door de voorbode van zijn schorsing tijdens de eerste twee duels met Engeland op het EK 2012, ten gevolge van een oliedomme overtreding in de kwalificatiereeks. En Andrei Arshavin mist gewoonweg het vertrouwen van zijn trainer Arsène Wenger. Zijn goede spel op het EK 2008 was vooral te danken aan het oneindige vertrouwen en de zachte hand van zijn toenmalige coach Guus Hiddink bij het Russische nationale team. Maar Arshavin voelt dat hij bij zijn club Arsenal niet de eerste keus is van trainer Wenger, en dat zelfs het talent Oxlade-Chamberlain hem zowel op het veld als in de hiërarchie voorbijgesneld is. Dat maakt van de begaafde Rus een verongelijkte en ongemotiveerde voetballer, die daardoor zelfs als invaller niets toevoegt aan Arsenal.

Als laatste is er nog Fernando Torres: de Spanjaard die sinds zijn overstap van Liverpool naar Chelsea het lachertje van het mondiale voetbal geworden is. Hij mist kansen voor open doel, hij toont nauwelijks inzet en voelt zich niet lekker in zijn vel. Ondanks de vele verklaringen en speculaties kan ik u verzekeren: Fernando Torres is niet ziek. Dat lijkt soms wel zo, want men praat hem allerlei complexen, en medische en psychische aandoeningen aan. Maar weet u wat er wel echt met Fernando Torres aan de hand is? Deze Spaanse furie mist momenteel zelf het heilige vuur. De passie, de wil en het plezier in het voetbalspel zijn weg, net als bij Rooney en Arshavin de laatste tijd. Het stralende voetballertje dat hij ooit was bij Atlético Madrid, met sproetjes op zijn wangen en een guitig lachje, zit tegenwoordig gevangen in zijn eigen harnas. De bijnaam van Torres is El Niño, oftewel ‘Het kind’. Maar juist zijn kinderlijke onbevangenheid waaraan hij die verwijzing te danken heeft, is niet meer terug te zien.

Torres, Rooney, Arshavin en zelfs de uiterst grillige Balotelli zouden in principe wel de smaakmakers van het aankomende EK 2012 kunnen zijn. Daarom zou ik tegen deze vier zwalkende vedetten willen zeggen: er staat een schitterend voetbaltoernooi voor de deur! Zo’n EK is de reden waarom je bent gaan voetballen. Dus heren topvoetballers: kop omhoog, en ga ervoor! Want ook topvoetballers huilen niet! Ik ben tot slot wel bang dat Balotelli me niet zal horen. Die heeft op dit moment vast en zeker een banaan in zijn oor…

Erwin Meeks