Langs de Lijn zit je altijd goed

Uit het archief: maart 2012

Eerlijk gezegd had ik de schaterlach van René van der Gijp en de bami-balletjes van Jan Boskamp hard nodig om overeind te blijven. Ondanks dat ik niet graag denigrerend wil doen over de staat van het Belgische voetbal – de laatste jaren is daar überhaupt ook niet meer zoveel reden toe – viel de bekerfinale van België mij echt een beetje tegen; zowel de entourage, als het voetbalniveau. Gelukkig waren er dus nog de twee gelegenheidscommentatoren van de commerciële zender, anders was er echt geen bamibal aan geweest bij het potje tussen KV Kortrijk en Lokeren.

Een vroege en onterechte rode kaart voor de in Nederland niet onbekende Benjamin de Ceulaer, maakte een einde aan een aardig begin van de eindstrijd om de Confidis Cup, zoals de sponsoren de beker van België liever noemen. Ik weet natuurlijk ook: waar Belgen werken, daar worden fouten gemaakt. Maar de manier waarop de scheidsrechter Jérome Efong Nzolo op advies van de grensrechter de geblondeerde buitenspeler van Lokeren van het veld stuurde, was wel erg pijnlijk. In het strafschopgebied vond een duel plaats uit duizenden, maar de grensrechter schrok blijkbaar dusdanig van het lichte duw- en trekwerk van de voormalig speler van Feyenoord, dat hij er een rode kaart voor De Ceulaer in zag.

De wedstrijd die op dit incident volgde, is in één zin samen te vatten: Lokeren groef zich met tien spelers in, en uit een van de spaarzame counters bezorgde Harbaoui het zwoegende Lokeren een sensationele bekerwinst. Wat me buiten de onverwachte bekerviering voor Lokeren nog meer opviel, is dat het sportmedium Sporza het recht had om in de rust van de bekerfinale Lokeren-aanvoerder Killian Overmeire te interviewen over de dubieuze rode kaart. Dat lijkt mij nogal onprofessioneel tijdens zo’n belangrijke wedstrijd. Daarnaast was ik bang dat de kokende Overmeire uit frustratie een hap uit de microfoon van Sporza zou nemen.

Sporza bleek sowieso een beetje tegendraads, want men vertikte te praten over de Confidis Cup of de beker van België. Het sportmedium sprak liever over ‘De Cup’, zo stond de wedstrijd namelijk ook in haar televisiegids. Mij deed het meer denken aan Cup-a-Soup. De wedstrijd had immers veel weg van een kom soep waarbij het zakje poeder niet wilde oplossen, die te warm zou blijken als je hem met volle overgave in één keer zou opdrinken, en waarvan je het gênant zou vinden om hem aan meer dan één persoon voor te schotelen.

Dat terwijl bekervoetbal zo mooi kan zijn. In Nederland hopen we met het affiche PSV-Heracles Almelo in een afgeladen Kuip een enerverende bekerfinale tegemoet te gaan. En ruim een week geleden was er al de Schotse bekerfinale tussen Celtic en Kilmarnock, waar laatstgenoemde als verrassende winnaar uit de bus kwam. Met een laagstaand lentezonnetje, een deinend voetbalstadion en een noodzakelijke winnaar, is een bekerfinale een wedstrijd voor de fijnproevers. Voetbal-Bourgondiërs kunnen genieten van de karakteristieke sfeer van het bekervoetbal, geïnspireerd op de moeder aller bekertoernooien: de Engelse FA Cup. Met de finale tussen Kortrijk en Lokeren dus als uitzondering op de regel, bieden bekerfinales meestal op alle onderdelen voetbalkwaliteit.

Toch is er in deze fase van het seizoen niet alleen ruimte voor kwaliteit, maar heeft men ook oog voor kwantiteit. Op zondag 25 maart 2012 vierde NOS Langs de Lijn namelijk haar 10.000e radio-uitzending. Je kunt er veel over zeggen, maar als je na tienduizend uitzendingen nog steeds een half miljoen mensen op zondag weet te boeien met de wedstrijdverslagen via de radio, dan heb je wel iets goeds neergezet. Uiteraard draaien de mensen bij bepaalde commentatoren de radio liever iets harder, en bij andere verslaggevers gooien ze de radio het liefste met 130 kilometer per uur de auto uit. Hoe het ook zij, met 10.000 uitzendingen van NOS Langs de Lijn maakt het sportprogramma een wezenlijk deel uit van de geschiedenis van het Nederlandse voetbal en van de voetbalbeleving.

Vaste luisteraars kunnen het repertoire met zinnetjes als ‘Bas, kom er maar in’ of ‘We gaan een doelpunt halen’, onderhand wel dromen. Normaal gesproken zijn zinnetjes als ‘Bas, kom er maar in’ alleen in een intieme sfeer te horen als manlief na een lange dag werken thuis  de slaapkamer binnenkomt, terwijl zijn vrouw al in bed ligt. Maar in dit geval voelt het zowel voor de op-en-top radiojongens als voor de luisteraars volledig vertrouwd. NOS Langs de Lijn is er altijd, en zal er hopelijk ook nog heel lang blijven. Bovendien kunnen ze bijvoorbeeld bij Sporza nog wat leren van de écht discrete verslaggeving.

Al tienduizend keer leverde men zowel kwantiteit als kwaliteit. Bij Langs de Lijn zit je als sport- en voetballiefhebber dus altijd goed. NOS Langs de Lijn, gefeliciteerd!

Erwin Meeks